de kinderschaar net dragen kon. De stallantaarns
walmden. Petroleumgeuren. En wie van buiten keek
zag in de kerkelijke kleuren dit vertrek:
Huis van Mickey, kleine Welsh
het hoofd omlaag onder een bolle pluizenpels
wacht ze op wat er komen gaat.
Tijd die stilstaat.
Zes kinderogenparen
vallen bijna dicht. Totdat de geur van hooi
zich mengt met dat van staal en ijzer
van bloed, van vlies, van slijm dat breekt
Geruisloos glijd het koningspaardenkind